Kunstroof uit eengezinswoning

Of: de dag dat mijn aannemer mijn chocolade bananencake met kaneel- en suikerkorst stal ¯\_()_/¯

Ik had een bananencake gebakken.

Dat is belangrijke context, want dit was niet zomaar cake.
Dit was strategie.

Niet uit verveling. Niet uit overcompensatie. Gewoon omdat ik het kon. Zo’n cake waarmee je later achteloos een keuken binnenloopt en iemand onmiddellijk spijt geeft van zijn supermarktkoekjes.

Die cake was al onderweg naar een moment. Hij wist dat alleen zelf nog niet.

Alleen kwam dat moment nooit.

Want mijn aannemer heeft mijn cake meegenomen naar huis.

De hele cake.

Niet een plakje.
Niet een beleefd puntje.
Niet een schuldige hap waarvan je achteraf denkt: vooruit, hij zal trek hebben gehad.

Nee.
De volledige cake.

Later stuurde hij:

“Oh mocht dat niet?”

Nee.
Nee, dat mocht niet.

Ik wist eerlijk gezegd niet dat dit apart benoemd moest worden. Dat je dus in je eigen huis ook nog moet aangeven: koffie pakken mag, complete bakwerken pakken: niet.

Maar misschien is dat nog het treurigste onderdeel van dit alles: niet eens dat hij cake wilde, maar dat hij totaal geen gevoel had voor narratief.

Er lag daar niet zomaar een baksel.
Er lag een scène klaar.

En hij heeft dat gelezen als: “hmm, snack”.

Dat vind ik bijna cultureel armoedig.

Dat je dit ziet en denkt: handig, hoef ik zelf niks meer te halen.
Wat een leven!

Sindsdien lijkt het me verstandig om dit contractueel vast te leggen.

Artikel 7 — Culinaire Integriteit
Opdrachtnemer onthoudt zich gedurende de werkzaamheden van het meenemen, verplaatsen of anderszins laten verdwijnen van volledige cakes, taarten, quiches of aanverwante uitingen van huiselijke superioriteit.

Want blijkbaar moet alles tegenwoordig worden dichtgetimmerd. Ook moreel.